Priegelproat

HET EERSTE BEGIN.
Kabouter: ”Vriend dwerg, wat heb jij
uit de diepste meegebracht?”
Dwerg: “Wat de sterren zongen deze nacht.
Want de sterren zingen van wonderdingen,
die de lente brengen wil.
Zijn wij nu heel stil.
En laat ons samen luisteren?
Hoor je de steen ook fluisteren?
Of heeft hij zelf iets bedacht?
En makker zeg mij nog even,
Wat heb jij mee omhoog genomen?”
Kabouter:
“Ik haalde schatten uit de aardeschacht.
En edelstenen kreeg ik van de gnomen,
voordat ik boven ben gekomen.”
Dwerg: “Dan hebben wij wel beiden
ons werk goed volbracht.
Nu moeten wij ons, vanaf vannacht,
aan de nieuwe taken wijden.”
door Hermien IJzerman
JAARFEESTEN
De wisselingen in de natuur, het ontkiemen, het groeien, het vrucht vormen, gaan hun eigen taal spreken in de beelden die ontstaan op de seizoen-of jaartafel.
De sneeuwklokjes, de bolletjes zullen Koning Winter uitluiden.
Nog even blaast hij het laatste winterse schoon van de takken en de aarde.
En dan neemt langzamerhand het Licht het van hem over en doet de aarde ontspruiten.
De feesten door het jaar heen begeleiden deze veranderingen.
-----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
GENEESKABOUTER
Beer is ziek
Beer wat zit je toch te hoesten
kom, ik maak een drankje klaar
eerst wat stukjes drop met water
en dan schudden maar.
Ik zal je een wollen doek ombinden
kom, in bed zal het beter zijn
ga nu maar lekker slapen
straks breng ik je weer medicijn.
Ziek kindje, wat kan ik voor je doen?
Uit het boek van `Het zwarte poesje` door WG van der Hulst uit .de jaren `50
Santje wordt na een bang avontuur, heel erg ziek. Ze droomt van heel veel zwarte poesjes, die de-me-neer-met-de–mo-tor-fiets uit de zak van zijn jas haalt. Zijn zakken zitten vol met poesjes, zo raar………. Ach wat is Santje bang. Mama komt:, `Wil je iets drinken? Lekker suikerwater? Dat is zo zacht voor je keeltje…`
De dokter komt. Moeder zegt: ``Och dokter, Santje is zo bang voor u!` Ja, dat weet nog niemand waarom Santje zo bang is. “Ik zal een lekker rood drankje voor je klaar maken en ik kom gauw weer terug”.
Soms wordt er aan de deur geklopt. Dan komt er een kleine man binnen. Het is een oude boer, die dicht bij hen woont. Hij kijkt altijd vrolijk maar zijn lip is scheef. Dat komt van het kromme pijpje dat altijd in dat ene hoekje hangt.
Dan kijkt hij naar de bedstee, en zegt:`Ik heb een paar lekkere, verse eitjes` en legt ze op tafel. Voor Santje! Santje moet sterk worden……
Hij heet Baas Klomp.
Geneeskabouters willen ook wat doen voor een ziek kind.
Stijn, Karlijn, Wollepluk, of Baboffel.
De geneeskabouter kwam niet bij Santje, maar wel heel veel lieve mensen, die haar wilden troosten.
Op het juiste moment komt de geneeskabouter te voorschijn. Soms haalt hij iets moois uit zijn tas of hij zorgt ervoor dat er iemand is die een vrolijk verhaal voorleest over Haasje Huppel of een ondeugend Prinsesje.
De geneeskabouter wil er zijn voor de moeilijke momenten van het zieke kind.
Janna
-----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
PRIEGELGOUD
Het zijn wel erg kleine priegelwerkjes die ik maak.
Het is PRIEGELGOUD: baby-goud, speul-goud, bedde-goud..........
veur leudje potjes, veur 'n keudeldoemke*.
Ik zal het voor u vertalen vanuit het Gronings:
Babygoed, speelgoed, beddegoed..........
Voor baby's, voor het kleine kind.
Ik hoop dat veel kinderen vreugde zullen beleven aan mijn priegelgoud.
Janna
